Over mijn blog

This Blog contains personal opinions of Jacco Hoekstra and does therefore not reflect the position of the TU Delft in general. Author can also be followed in Twitter: @ProfHoekstra for interesting links a.o. related to science & engineering

Categories

Archive

Disclaimer

De meningen ge-uit door medewerkers en studenten van de TU Delft en de commentaren die zijn gegeven reflecteren niet perse de mening(en) van de TU Delft. De TU Delft is dan ook niet verantwoordelijk voor de inhoud van hetgeen op de TU Delft weblogs zichtbaar is. Wel vindt de TU Delft het belangrijk - en ook waarde toevoegend - dat medewerkers en studenten op deze, door de TU Delft gefaciliteerde, omgeving hun mening kunnen geven.

Posted in 2013

Waarom de basisbeurs niet afgeschaft moet worden

Als we de basisbeurs voor WO en HBO afschaffen, heeft dit een langdurig, negatief effect op onze economie, ons onderwijs en het opleidingsniveau van ons land.  In dit stuk worden de gevolgen voor zowel individu als voor de maatschappij op een rijtje gezet en wordt uitgelegd waarom de basisbeurs moet blijven en zelfs verhoogd zou moeten worden. De argumenten voor de afschaffing blijken niet te kloppen. De studieschuld zal voor studenten oplopen tot 40 000 euro of meer. De in deze berekening gebruikte getallen komen van de overheid en het Nibud.

Aanleiding

In het regeerakkoord staat dat met ingang van het studiejaar 2014/2015, de basisbeurs zal worden afgeschaft voor de master en het jaar daarna ook voor de bachelor. Men verwacht dat dit 800 miljoen euro oplevert. Het afschaffen van de OV-kaart levert nog eens 200 miljoen op. Bij elkaar verwacht men dus een miljard euro te besparen. Deze maatregel geldt voor alle studenten in HBO en WO. Voor de overheid een miljard minder uitgaven, voor een grote groep studenten een miljard euro meer schuld per jaar, het betreft immers niets anders dan een verschuiving van de schuld van de overheid naar een groep individuen.

Voorstanders

Dit voorstel kan rekenen op een breed draagvlak in de tweede kamer. PvdA, VVD, Groen Links en D66 zijn voor. Een aantal oppositiepartijen vinden het bespreekbaar. De argumenten van de voorstanders zijn:

  • Studeren is een investering in je toekomst, je gaat later veel verdienen en dan kun je het prima aflossen. Het schuldbedrag valt best mee.
  • Het gaat om een relatief laag bedrag, dat kunnen studenten naast lenen het ook oplossen met een bijbaantje of een iets hogere bijdrage van de ouders
  • Het is een sociaal leenstelsel: het heeft gunstige voorwaarden, je hoeft alleen af te betalen als je het kunt betalen en er geldt een lage rente.
  • Waarom zou de staat opdraaien voor het financieren van de opleiding van een individu?
  • Er moet nu eenmaal bezuinigd worden, iedereen levert wat in.

Laten we deze argumenten eens nader bekijken.

Geen schuld, maar een investering in je toekomst

Het meest gehoorde argument is de eerste van het lijstje: de studielening, die de basisbeurs vervangt, is geen schuld maar een investering in je toekomst. Je verdient het vanzelf terug. Dit is dus de overheid die zegt: een schuld is niet erg, om zelf van hun schuld af te komen. Het ene moment is schuld dus iets ergs: de staatsschuld mag niet te hoog worden. Maar als die schuld verschoven moet worden naar slechts een gedeelte van de bevolking, en dus voor die individuen een veel groter gevolg heeft, is het opeens geen schuld, nee, het is een investering en helemaal niet erg. Dat is inconsequent en past niet helemaal bij het beeld van een betrouwbare overheid, die er voor de burgers is in plaats van andersom.

Laten we eens kijken hoe veel de overheid dan zelf betaalt aan academische werknemers, die hebben geleend omdat diezelfde overheid zegt dat je zoveel gaat verdienen. Men wil bijvoorbeeld meer academici voor de klas: het aanvangssalaris in het voortgezet onderwijs is 2445 euro bruto (1811 euro netto). Ter vergelijking: een modaal inkomen is 2550 euro bruto per maand, dus het is 100 euro onder modaal. Een gezin kun je er maar moeilijk van onderhouden: daarvoor is het modaal inkomen 6358 euro bruto per maand. Zelfs voor de helft daarvan kom je nog 700 euro bruto tekort, zonder aflossing van enige schuld.

Dus het argument dat je als academicus altijd meteen veel gaat verdienen is duidelijk niet waar. Tenzij het beleid erop gericht is geen academici voor de klas te krijgen en ik de onderwijsschalen niet mag gebruiken. Anders is dit weer een voorbeeld van een inconsequente overheid die zegt: je gaat veel verdienen als je studeert, dus neem onze schuld maar over. Oh, je gaat bij ons werken? Dan krijg je een lager dan gemiddeld salaris.

Het argument dat de basisbeurs, die nu wordt omgezet in een lening, slechts een laag bedrag is, klopt op zichzelf wel. Dat is namelijk het gevolg van eerdere bezuinigingen de afgelopen jaren. Als je er ieder keer wat afsnoept, kun je steeds zeggen dat het niet zo veel voorstelt, tot het nul is. Maar in totaal stelt het natuurlijk wel wat voor en bovendien is het een bedrag per maand, voor een studie van 4-7 jaar telt het wel degelijk aan.

Maandbudget uitwonende WO-student

Laten we eens preciezer kijken naar het budget van een student om te zien wat de gevolgen zijn. We nemen een uitwonende student omdat daarvoor de gevolgen het grootst zijn. Bovendien wil de overheid in het kader van excellentie (of bezuiniging?) graag concentratie van kennis, vooral in het WO. Een gevolg daarvan is dat de keuze dichtbij huis kleiner wordt en de kans dat je op kamers moet om iets te doen wat past bij je aanleg en interesse, navenant groter wordt.  De kans dat een WO-student uitwonend is, wordt groter. Volgens het Nibud geldt dat je als uitwonende student maandelijks 1104 euro nodig hebt. Ze zijn daarbij niet royaal: voor een kamerhuur incl. energie wordt 340 euro gerekend. In de grotere steden is dat niet het gemiddelde maar de ondergrens voor een beperkt aantal kleine kamers. Het gemiddelde ligt 100 euro hoger. Maar goed laten we deze 1100 euro als uitgangspunt nemen.

De basisbeurs bedraagt nu 266,23 euro, maar in ons rekenvoorbeeld valt dat weg. Alles wat we niet van onze ouders krijgen of waar we voor werken moet worden geleend. Hoeveel kunnen we bijverdienen. Let wel: dezelfde overheid dringt erop aan dat studenten sneller afstuderen, bijbaantjes hebben eerder de neiging te zorgen voor vertraging. Bij een bindend studieadvies (een contradictio in terminis) betekent minder dan 45 van de 60 studiepunten per jaar halen, dat je niet door mag.  Er is dus een grens aan de hoeveelheid tijd, die je kunt werken.

Hier treedt overigens een groot verschil op tussen alfa studies aan de ene kant en de exacte (beta & technische) studies aan de andere kant. De exacte studies vereisen veel meer aanwezigheid. Meestal is er slechts één middag vrij, en welke dat is, varieert ieder kwartaal. Bij alfa studies zijn er gemakkelijk 3 dagen collegevrij. Bovendien moet je voor een exacte studie de vakken goed bijhouden door middel van veel huiswerk om het te blijven snappen. Dat is niet op te lossen met een piekinspanning later, vlak voor een deadline. In de praktijk betekent dit dat je met een exacte studie hoogstens één dag in het weekend kunt werken. De enige vakantie is de zomervakantie (zonder tentamens zo’n 4 weken). De andere weekenddag en de avonden zijn nodig om te studeren.

Voor een leeftijd van rond de 20 jaar geldt een minimumloon van 42 euro bruto per dag. Laten we dit bedrag voor het gemak even als netto meenemen, misschien verdien je iets meer of hoef je geen belasting te betalen. Elke zaterdag werken plus 4 weken fulltime in de zomer levert dan 220 euro per maand op. Dan rest er nog een gat van 884 euro. Hoeveel kunnen de ouders betalen? Volgens hetzelfde Nibud betalen de ouders nu gemiddeld 250 euro per maand. Er wordt al geleend, dus je mag aannemen dat dat niet opeens heel veel meer wordt bij afschaffing van de basisbeurs. na aftrek van de zorgtoeslag van 70 euro rest er dan nog 564 euro. Stel dat we dit lenen. Dat betekent een lening van 6768 per jaar. Als je ouders niet voor je kunnen betalen, is het zelfs 9768 per jaar. Kortweg tussen de 7000-10000 euro per jaar.

Uitgaven (bron:Nibud)     Inkomsten zonder basisbeurs  
Huur incl energie

341

Bijbaan

220

Boodschappen

152

Ouders (gemiddeld, Nibud)

250

Studieboeken

84

Zorgtoeslag  70
Vervoer (naast OV-kaart)

48

Geld dat geleend moet worden

564

Uitgaan, sport, ontspanning, overig

130

Kleding & schoenen

58

Zorgverzekering

106

Telefoon

32

Collegegeld

153

Totaal maand-uitgaven

1104

  Totaal maandinkomsten

1104

Maandfinanciën van een uitwonende WO-student

Resulterende schuld

Hoeveel jaar duurt de studie? Hier treedt een andere ongelijkheid op tussen alfa studies en exacte studierichtingen. De exacte WO-studies hebben voor bachelor en master samen een programma van 5 jaar in totaal. Veel studenten halen wel eens een keer een vak niet en dat leidt snel tot een jaar vertraging, soms zowel voor bachelor als master. Nu is 7 jaar zeker geen uitzondering. Maar laten we optimistisch zijn: studenten gaan het voortaan in 6 jaar doen. Dat is dus een studieschuld van 40608 euro of 58608 euro, afhankelijk van of je ouders de 250 euro op kunnen brengen of niet. En het effect van de extra uitgaven door de afschaffing van de OV-kaart hebben we nog niet eens meegenomen. Dan komt er nog eens een paar duizend euro bij.

Studieduur Studieschuld
ouderbijdrage zonder ouderbijdrage
4 jaar 27072 39072
5 jaar 33840 48840
6 jaar 40608 58608
7 jaar 47376 68376

De ‘geringe’ studieschuld aan het eind van de studie
bij afschaffing basisbeurs

De schuld valt dus niet mee

Een schuld van 40 000 euro tot bijna 70 000 euro  is niet een klein bedrag. Als je gaat samenwonen met iemand, die ook gestudeerd heeft, heb je samen zomaar meer dan een ton schuld. Probeer dan maar eens een hypotheek te krijgen. Of de hypotheekverstrekkers het nu meerekenen of niet, een maandelijkse aflossing van 260 euro per persoon, ofwel 520 euro per maand voor een gezin, is niet onaanzienlijk maar een flinke aderlating.

Maar, zeggen de voorstanders dan, let op: het is een sociaal leenstelsel. Is dat zo? Het maandbedrag bij een schuld van 50000 euro en een rente van 2%  is 260 euro aflossing per maand en het kost je 15 jaar om dat af te lossen. Trek dit bedrag eens af van het leraarssalaris en je zit netto 360 euro onder modaal! En alleen onder bepaalde voorwaarden wordt na 15 jaar de eventuele restschuld kwijtgescholden. Dan ben je dus minimaal 40 jaar oud. En dan pas kun je eindelijk gaan beginnen met een huis en een gezin. Kortom: het argument dat het wel meevalt met de schuld, is gewoonweg niet waar. Tot je 40e geen huis kunnen kopen omdat je schulden hebt, is ook niet erg ‘sociaal’. Gewoon een leenstelsel dus. Of een asociaal hoge schulden-stelsel.

En over de afgelopen jaren is er erg al veel wegbezuinigd bij de studiefinanciering. Ter vergelijking: in 1988 had ik als student een maandbudget van 1100 gulden (zo’n 500 euro) nodig waarvan ik 605 gulden als basisbeurs kreeg. Een gat van zo’n 500 gulden bleef over wat je 50/50 kon vullen met werken op zaterdag en de ouderlijke bijdrage.

Het gaat ons allemaal aan

Sommigen zeggen, je hoeft niet te studeren. Het is een persoonlijke keus. Waarom zou de hele maatschappij opdraaien voor een student? Inderdaad, je kunt ook direct gaan werken. Dan kun je waarschijnlijk al snel een huis kopen: je hebt geen schuld en geen aflossing.

Maar is dat niet iets wat ons wel allemaal aangaat? De ervaring leert dat iedere investering in onderwijs zich meerdere malen terugbetaalt. Volgens een impactstudie voor de Leidse universiteit uit 2012 levert iedere euro zelfs 4 euro op voor de economie. WO/HBO banen zorgen ook voor MBO banen en vice versa. Het heeft dus een effect op het aantal banen op alle niveaus.

Wat zijn de overige maatschappelijke gevolgen? Ons opleidingsniveau zal dalen. Met name exacte studie doen, waar het bedrijfsleven zegt de meeste behoefte aan te hebben, wordt een hachelijke onderneming.

Als iedereen met kinderen, die het zich kan veroorloven, nu massaal gaat sparen, kon dit trouwens nog wel eens een flink negatief effect op het algemeen herstel van de economie hebben. En studenten met rijke ouders, die gemakkelijk 814 euro per maand kunnen betalen, zullen nog wel gaan studeren. De rijkste studenten zijn natuurlijk niet dezelfde studenten als de beste. Om toch hoge rendementen te halen, ook een eis van de regering, zullen de onderwijsinstellingen dan in niveau moeten dalen.

Studenten met armere ouders?  Een alfa studie, of een studie in de buurt, zodat je thuis kunt wonen of beter nog: direct gaan werken, is veel verantwoorder. Minder risico en je bent sneller in staat en gezin te onderhouden en hen onderdak te bieden.

Het zal even duren voordat dit tot iedereen doordringt en er zullen altijd optimisten zijn. Dit veroorzaakt een enorme bubbel van studieschulden, die net als de hypotheekschulden, verantwoordelijk voor de huidige crisis, wel eens oninbaar konden blijken. Zeker als particuliere geldverstrekkers deze markt ontdekken en hele gunstige leningen gaan aanbieden, is daarmee het recept voor de volgende bankencrisis een gegeven. Iets wat in de VS nu al dreigt te gebeuren.

Kortom: de gevolgen van deze maatregel zijn een lager niveau van opleiding van ons land, veel schulden, een dreigende crisis en een verder krimpende economie met minder banen.

Wat nu?

Er moet toch bezuinigd worden? Ja, dat is waar. Maar er zijn meer dan genoeg andere en minder schadelijke maatregelen denkbaar om de overheidsfinanciën op orde te brengen. Uit het bovenstaande blijkt bovendien dat de basisbeurs nu al zo laag is ten opzichte van de kosten van het studeren dat een verhoging van de basisbeurs, zodra de middelen het weer toestaan, logischer is dan afschaffing.

Waarom protesteren de studenten en onderwijsinstellingen niet massaal? De overheid wil de onderwijsinstellingen omkopen door te zeggen: een gedeelte van het geld dat we besparen op de studenten gaan we (misschien) wel aan jullie geven. En de studenten worden stilgehouden met wat ik de HOS-truc noem.

De HOS is de Herstructurering Onderwijs Salarisstructuur. In 1985 werden alle lerarensalarissen gekort. Maar dit zou alleen gelden voor toekomstige leraren. Die waren natuurlijk geen lid van een vakbond en afwezig in het debat. Kortom: er waren geen tegenstanders.

De afschaffing van de basisbeurs treft ook niet de huidige studenten, maar scholieren die zich hier helemaal niet van bewust zijn. Zij zijn afwezig in het debat.

De overheid rekent erop dat de huidige studenten zich net zo weinig met hun toekomstige lotgenoten solidair voelen als de leraren indertijd. Tot nu toe blijkt dat te kloppen: ik heb nog geen grootschalige demonstraties gezien.

Het is echter nog niet te laat: ik zou alle studenten, maar ook de anderen, op willen roepen deze afbraak van ons hoger onderwijs te stoppen. Als we laten zien dat dit maatschappelijk niet aanvaard wordt, is er nog een kans dat dit niet uitgevoerd wordt. De ramp kan nog afgewend worden, maar dan moet er wel wat gebeuren. De overheid rekent op de asociale student die denkt: Na mij de zondvloed, ieder voor zich. Laat zien dat dat beeld niet klopt!

© 2011 TU Delft